Kaatsen.nl

In memoriam Meindert van der Weerd 1923-2010
Door admin - datum: 2010-01-26 13:28:36





Op 19 april 1923 werd opslager Meindert van der Weerd in Arum geboren. Op de 19e januari 2010 overleed hij in Bolsward. Tweemaal won hij de PC, een kaatsleven dat begon in 1941 en eindigde in 1960. De voormalige verzekeringsagent sloeg 309 punten bijelkaar.

PC 1953: vlnr: Meindert van der Weerd, Gerrit Groen en Theun de Bruin

Meindert van der Weerd was een zachtmoedig mens met een sterke, rood getinte sociale inslag. Een kaatser die blijmoedig zijn ‘ferslein skouder’ aanvaardde en zich toelegde op de eerste opslag. Een kaatser ook die naar eigen zeggen ‘in soad wille’ aan het kaatsen heeft beleefd. ,,De armen komen omhoog, de knieën gaan uiteen en aldus harlekijnend wijst hij naar de telegraaf: al weer twee punten. Een felle maar faire tegenstander, deze 33-jarige verzekeringsagent,” zo karakteriseert de Leeuwarder Courant hem in 1956, zijn beste kaatsjaar met 29 punten.

Zijn eerste grote winst was in 1955 toen hij als PC-winnaar van het Sjûkelân stapte. Samen met de robuuste smid uit Creil, Johannes Zijlstra, en de Franeker koning op die woensdag 3 augustus 1955, Wijtse Vlietstra. ,,It waard al tiid om him te winnen,’’ realiseerde de toen 32-jarige kaatser uit Arum zich. Na afloop werd er nog wel even gesputterd over wie nu de hoogste eer toekwam: opslager Meindert van der Weerd of voorminst opslager en achterinse Wijtse Vlietstra. Meindert van der Weerd maalde er niet om want in zijn hart is hij altijd tegen het toekennen van de koningsprijs geweest. ,,Je winne it mei syn allen, wa wint de PC no allinne. En der is ek gjin puntenstelsel te betinken om de koning goed fêst te stellen. Keatsen is in teamsport en dêr heart gjin koning by. In jier letter siet Wijtse allinne yn de koets en Jehannes en ik wuifden him oan de kant wat ta. Dat kin net. Pas yn 1957 is dat oars wurden, Johan Jansen stelde doe beslist dat ek syn beide maten yn de koets moasten.’’

Na afloop zei Wijtse Vlietstra tegen zijn opslager: ,,Gaan dou maar in ut midden,’’ een raad die niet werd opgevolgd. Het partuur koos voor het minste risico op afwijzing: Johannes Zijlstra stond als centrale man voor de bestuurstent.

Voor een aantal Arumers was het een omstreden koningschap van de Franeker achterinse want zij vonden dat hun dorpsgenoot Meindert de bal had verdiend. Maar niet volgens Sip Oosterhoff van de Franeker Courant: ,,Wij voor ons zelf hebben geen moment aan zijn (Wijtse Vlietstra) koningschap getwijfeld.’’

Meindert van der Weerd was een humorist in het veld, het tiende kind uit een groot gezin dat bij de geboorte van Meindert in Arum woonde. Een dorp dat ook toen al de eer had de generale van de PC te organiseren. Toen maat Wijtse die maandagavond in 1955 op de motor naar Arum ging met de intentie: ,,Ik gaan even naar de kermis,’’ maande geheelonthouder Meindert hem dit niet te doen met het oog op de naderende PC. ,,Toch gie hy wer werom,’’ aldus een nu nog verbaasde Van der Weerd.
Die gehoorzaamheid betrachtte de Franeker niet bij de aanvang van de PC. ,,Jehannes Zijlstra sloech by ús altiten ferminst op, Wijtse koe it ek wol mar die it net faak. Yniens sloech Wijtse ferminst op yn de earste partij. Ik frege him noch fan wêrom hy de kombinaasje ferbruts, mar hy sei allinne mar fan ‘Ik doen ut wel’.’’

Voorinse Johannes Zijlstra stond bekend als een kaatser die het best tot zijn recht kwam als hij veel had te doen. Toen hij in die eerste omloop alleen maar in het voorperk stond was zijn start bepaald niet flitsend. Dat gold trouwens voor het hele partuur: ,,De wel heel matig startende eerste klassers Van der Weerd, Joh. Zijlstra en Vlietstra boften dat de tweede klas juniorescombinatie Poelstra, Oostra en Smidstra niet vlug op de stuit kwam.’’ Het ging tot 3-3 gelijk op. Toen Wijtse Vlietstra op 6-2 de kaats passeerde was het gauw gebeurd met de tweede klassers. Op 5-3 en 6-2 sloeg Poelstra buiten.

De tweede omloop dreigde het mis te gaan tegen Johannes Stavinga, Sip van der Zee en Auke de Jong. Dit partuur was in alle opzichten gelijkwaardig. Een sterk opslaande ‘Staaf’ zocht de winst vooral bij voorinse Johannes Zijlstra, en met succes. Volgens de Franeker Courant kon in deze fase alleen Wijtse Vlietstra zich handhaven. Ook Van der Weerd deelde in de malaise door op de stand 0-3 en 6-4 tweemaal het perk te missen. Achter met 0-4. Wijtse Vlietstra voorin en hij passeerde de kaats op 6-4: 1-4. ,,Ik wit noch it stie trije om fjouwer en seis gelyk en in keats fan in meter as trije, fjouwer. Ik opslaan en Sipke miste de bal, dat wy de twa spul.’’

Vier missers van Johannes Stavinga waarvan de laatste op 4-4 en 6-6 luidden de ondergang in van zijn partuur. ,,Van der Weerd in ’t laatste stadium agressiever, naar een heel goede vorm groeiend, bezegelde daarna door een terugslag op 6-4 de toen niet meer onverwachte nederlaag van de koning van 1954 (Stavinga).’’ De klassieke zwakke partij die veel winnende parturen op de PC op zo’n dag hebben.

De halve finale werd dan ook begonnen in een underdog positie. Immers Marten van der Leest, Johan Jansen en Arp Hiemstra hadden op deze dag heel wat meer laten zien. Het kwam echter anders uit. Het partuur Van der Weerd ging fel uit de startblokken en op 6-6 hielp opslager Marten van der Leest hen met een buitenslag in het zadel en aan zelfvertrouwen.

Door missers van onder andere Johan Jansen stond het vrij vlot 3-0. Op 6-6 wist Van der Weerd de kleine kaats te behouden met een tusseninse. Vlietstra was de hele partij al goed, en hij kreeg nu ook gezelschap van een beter spelende Zijlstra. Op 4-0 en 4-4 timmerde de smid tweemaal een bal boven en dat betekende een afgetekende 5-0. Het in die tijd succesvolle partuur Van der Leest wist nog een eerst te krijgen maar een retourslag van Johannes Zijlstra maakte aan de laatste illusies een einde. Meindert van der Weerd kon zich na 1953 opmaken voor zijn tweede PC-finale.

,,Een slotpartij welke een immer stijgend spelbeeld vertoonde en daardoor uitgroeide tot een prachtig geheel,’’ zo schreef de krant. Hotze Schuil, Albert Veldkamp en Rinnie Kuiper waren de tegenstanders. Voor Van der Weerd twee oude bekenden uit de finale van 1953: Schuil en Kuiper. Er werd 15 keer boven geslagen in een partij die vooral aan de boven veel hinder ondervond van een laagstaande zon.

Van der Weerd startte voortvarend met een spel voorsprong en bouwde die uit naar 4-1. Het derde eerst werd bereikt dank zij drie onverwerkbare ballen van Van der Weerd op Kuiper.
Die 4-1 achterstand was voor Schuil het sein om voorin te stappen, Veldkamp achterin en Kuiper ‘út de krite’. Het hielp, de formatie van Schuil kwam terug tot 3-4. Met bovenslaan van Veldkamp in dit achtste eerst nam de dreiging toe, maar Vlietstra deed hetzelfde en Zijlstra sloeg de bal op 6-2 weg: 5-3.

Ook in het laatste eerst van de partij werd nog vier maal de boven gevonden. Tweemaal boven van Schuil en Veldkamp betekende 0-4, zitbal op Veldkamp, 2-4. Passeren kaats Zijlstra 4-4. Met een kaats bij de boven achter de hand maakte Hotse een dure fout met een buitenslag: 6-4.

,,De voor Schuil iets te hoge bal van Van der Weerd werd door de grote man niettemin voorbij de kaats gebracht. Vlietstra stond bij de boven klaar om met de stuit te retourneren maar verstapte zich op het kritieke moment: 6-6! Daarna bracht laatstgenoemde echter bij de uit Van der Weerds opslagbal resterende kaats het prachtigste einde dat men zich kon denken van dit uitermate boeiende slotduel: een hercules van Vlietstra over de tribune, zeker ’n koninklijk einde,’’ zo verhaalt Sip Oosterhoff in de Franeker Courant.

Het was een vergulde pleister op de wonde van de PC-finale van 1953: de toen gemiste kansen op 6-6 in de PC-finale van 1953 tegen Schuil, Kuiper en Helfrich. Wat had hij graag die partij willen winnen en naar eigen overtuiging ook kúnnen winnen. ,,Ik keatste doe mei Theunis de Bruin en Gerrit Groen. Theunis hie gjin maten, wie ek al siik, Alzheimer, seach de ballen dûbel. Hat net sa hiele lang mear libbe. Trije kear op 6-6 gelyk hiene wy it earst pakke kinnen, Theunis hoechde him allinne mar te kearen, en dy oare kear liet Gerrit him rinne. It wie in jubileum PC en ik die mei oan ‘Yn ‘e flecht oer alles hinne’ fan Tetman de Vries. Ik leau tegearre mei Frans Helfrich en Marten van der Leest. Op de dei fan de PC sakke de toer fan Jorwert yninoar, dus wy ha doe noch yn de Harmonie stien en de opbringst wie foar Jorwert.’’

Hij had een kaatser met onbeperkte mogelijkheden kunnen zijn als hij niet al op zijn 18e zijn schouder had verslagen. Heel af en toe stapte hij nog wel eens voorin als de nood aan de man kwam zoals die keer in Kimswerd: ,,Ik stapte foaryn foar Foppe, Hotse sei: ‘Gaastou foor in dan must se mar even hewwe’, ik sloech se al boppe mar ha wol 14 dagen út de liken west.’’

Hoe groot de tegenstelling ook was in die tijd tussen de winnaars Wijtse Vlietstra en Meindert v.d. Weert, de heren konden goed met elkaar overweg. De een fel en geheelonthouder, de ander een man die van het leven hield. ,,Wy stiene in kear yn Harns yn de finale en elk wie op it fjild behalve Wijtse. Op it lêst kaam hy der oan op in damesfyts. Ik rin yn de lijte en tocht ‘oe… jonkjes’. Mar hy sloech dy finale as in wyld, alles boppe en hast net in keats slein.’’

Meindert van der Weerd denkt nog altijd met warmte terug aan zijn vroegere maat: ,,Doe’t ik 50 jier troud wie ha wy dat yn stilte fierd yn in simmerhûske yn Appelskea, gjinien wist it en bern wiene der net. Doe’t wy wer thús kamen stoppe der in blomme auto en dy brocht in geweldich grut blomstik mei de lokwinsken foar ús 50 jier trouwen. Ut Frjentsjer, gjin namme der op. Sjoch dat wie Wijtse hén, in man mei in hert fan goud.’’

De tweede PC-winst in 1959 van Meindert van der Weerd had een sterke ondertoon van spijt die elke sportman heeft als hij weet dat hij een bijwagen is in het gevecht om de hoogste eer op de PC. Alleskunner Rinnie Kuiper en Albert Rinia hadden de kaatsdag van hun leven en wilden voor hun maat met de ‘trochsleine hân’ geen vervanger.

Vijftig jaar later is hij zonder zijn inmiddels overleden maten niet te vermurwen om naar de Koornbeurs te komen. Pakesizzers van de maten van weleer halen hem moeizaam over de streep. ,,Wer in Kuiper en in Rinia neist my, dan is myn dei net mear stikken te krijen,’’ zo verwoordt hij de eenzaamheid van een 86-jarige die het al twee jaar moest stellen zonder zijn trouwe levenspartner Geartsje. ,,Want hoe âlder je wurde, hoe minder je elkoar misse kinne,’’ en misschien geldt dat ook wel voor de kaatssport en zijn helden van vroeger.



Dit nieuws werd verzorgd door Acquisitie- en advertentiebureau Boppeslach
http://www.kaatsen.nl

De URL voor dit artikel is:
http://www.kaatsen.nl/article.php?sid=8051